
Bijna herfstvakantie, dus alweer 9 weken op school.
In die tijd hebben we al veel gedaan. We zijn begonnen met de kleuren en de vormen.
Daarbij hebben we Pompom gemaakt, want die bestaat uit allerlei vormen.
Liedje: alles rood
Met mijn stift kleur ik alles rood,
Van klein tot groot,
Alles wordt rood.
De tafels en de stoelen,
De bordjes en het brood
Het groene gras, de blauwe lucht,
Alles kleur ik rood.
Mooi rood 3x
Met mijn stift kleur ik alles rood,
Van klein tot groot,
Alles wordt rood.
Nee niet doen,
Ik houd van groen,
En ik houd heel veel van geel.
Waar is oranje, paars en blauw?
Waar zijn die andere kleuren nou?
Ik kleur het wel weer terug,
De eigen kleur van klein tot groot,
Maar 1 ding weet ik zeker,
Die mooie bloem is rood!
In een boek kwamen we Elmer tegen. Dat is een olifant die vol zit met allerlei kleuren en vierkanten.
Liedje:
Ik ben Elmer, een “blauwe” olifant,
Ik wil grijs zijn, dus rol ik door het zand.
Ik houd niet van anders zijn, grijs zijn vind ik heel erg fijn!
Ik ben Elmer, een “blauwe” olifant,
Ik wil grijs zijn, dus rol ik door het zand.
Het olifantje zit vol rare vlekken
Het olifantje zit vol rare vlekken
en mama die zegt "Tjonge, dat is gek"
Ze ziet een rode en ze ziet een groene
en ook een blauwe en een bruine vlek Ze ziet nog heel veel gekleurde vlekken
het puntje van zijn staartje dat is wit
"Dat komt ervan" zegt mama fant tenslotte
"Wanneer je boven op je verfdoos zit!"
Versje:
Er woonden 7 olifantjes in een dierentuin
de 1e was groen de 2e rood, de 3e die was bruin. De 4e blauw, de 5e geel, de 6e die was zwart.
De 7e oranje en die vond dat heel apart Maar t kleine zwarte olifantje vond het jammer dat...
hij niet zoals zijn vriendjes ook een vrolijk kleurtje had Dus verfde hij zichzelf en na een uurtje was hij droog
nu heeft hij alle kleuren van de grote regenboog
Tussendoor hebben we het natuurlijk ook gehad over de regels van de klas.
Daarbij kwam ook niet plagen aan de orde en hoe je ruzies oplost.
Alle kinderen zijn anders, daar moet je rekening mee houden.
Versje:
Dit ben ik en dit ben jij
Ik kijk naar jou en jij naar mij,
Ik zie je ogen met puntjes erin
Ik zie je wangen en daaronder je kin
Daar opij zie ik allebei je oren,
Maar je neus zit recht van voren,
Nu even voelen, je haar is zacht.
Dat is je mond waarmee je lacht.
Ik zie je tanden, mooi op een rij.
Steek nu je tong eens uit naar mij??
Liedje:
De beertjes hadden vreselijk veel ruzie,
En mama beer zei: Nu ben ik het zat!
Als jullie ruzie blijven maken, bak ik vanavond zeker geen patat!
Oh, nee toch, lieve mama, doe toch niet zo raar!
De ruzie is al over en we houden van elkaar.
Oh, nee toch lieve mama, dat moet je toch niet doen
De ruzie is al over en je krijgt van ons een zoen!
Via Elmer zijn we terecht gekomen in de jungle. Daarbij hoorde ons schatkist thema: dieren.
Hierbij hoorde het boek: “een echte papegaai!”. Dat ging over een papegaai die de wijde wereld in wilde trekken. Daarbij maakte hij kennis met allerlei “oerwouddieren”.
In de klas hadden wij dan ook een junglehoek met wilde dieren! Wat hebben wij daar leuk in gespeeld!
Liedje:
Even zwaaien, even zwaaien, naar die mooie papegaaien,
Ze zijn geel, ze zijn rood en ze zijn blauw
Even zwaaien, even zwaaien, naar die mooie papegaaien,
Misschien gaan ze wel iets zeggen tegen jou!
De ene praat fantastisch en de andere heel slecht,
Maar ik vind het al geweldig als er 1tje lorre zegt.
Even zwaaien, even zwaaien, naar die mooie papegaaien,
Ze zijn geel, ze zijn rood en ze zijn blauw
Even zwaaien, even zwaaien, naar die mooie papegaaien,
Misschien gaan ze wel iets zeggen: Koppie Krauw!
Kinderboekenweek:
Het thema van dit jaar is: Superhelden!
Eigenlijk zijn wij allemaal superhelden. U heeft ze vast zien hangen in onze klas.
Liedje:
Weet je wat een held is
Een held is
Een held is
Weet je wat een held is?
Luister dan maar goed:
Als je iets heel moeilijk vindt
En ’t gaat steeds verkeerd
Ben je echt een superheld
Als je ‘t toch probeert
Kijk maar eens goed naar ( naam)*
Veters strikken* lukte hem/ haar eerst niet
Maar hij/ zij bleef het toch proberen
En daarom zingen wij voor hem/ haar dit lied:
Je bent een held, held, held
Wat zijn we trots, trots, trots
Oh, wat zijn we trots op jou
Je bent een held
Wat zijn we trots
Je verdient een groot applaus.
Tijdens het buitenspelen kwamen de kinderen erachter dat er veel slakken rondkropen. Dit hoort bij de herfst!
We hebben ze verzameld en zijn ze nu aan het verzorgen in de klas.
Versje:
Twee kleine slakjes,
Hielden van elkaar.
Ze gingen samen trouwen,
Toen werden ze een paar.
Ze hebben toen hun huisjes,
op elkaar gezet.
Nu wonen ze gezellig,
Samen in een flat!
Na de vakantie gaan we nog even met het herfstthema door.